Van de hak op de tak 3

Gaarne wilde ik inhaken op de mooie gedachten van onze redactie om als “DE BONT” met zijn manschappen klaar is met de nieuwe weg in Acht er een soort feest van te maken (Deze gedachte is van St. Jeugdbelangen, red.). Dit kan zeer goed te realiseren zijn als alle Achtenaren en verenigingen eraan meedoen. Het zal wel ongeveer vakantie zijn, eer het zover zal zijn. Een zomeravondfeest? Kunnen we er niet een gehele dag van maken, b.v. een gekostumeerde voetbalwedstrijd en kinderspelen, zoals vroeger met het Koninginnefeest. Het is maar een suggestie mijnerzijds. Laten we hopen dat er toch iets zal gebeuren.

We wachten maar af.
Vervolgens Hemelvaartsdag. Dit is voor de Achtenaren en belangstellenden een prachtige dag geweest. De traditionele wedstrijd tussen de families Bloks en van Kemenade. Wat hebben we genoten. En dan onze onvolprezen Drumband. Wat gaven die in de pauze een mooie show. We kunnen echt trots zijn op ONZE drumband. Tevens kunnen we zeer tevreden zijn met onze meelevende burgervader, die ook nu weer present was. Hij houdt van Acht zoals hij zei. Dit kan ons voor de toekomst van veel nut zijn. Terugkijkend op deze dag kunnen we gerust zijn voor de toekomst, want Acht is springlevend. Houden zo.
Toen ik maandagavond (5 mei j.l.) onze Drumband nog uit zag trekken om een rondgang door Acht te maken wegens het bevrijdingsfeest, dacht ik aan vroeger. Toen woonde ik nog in een ander dorp. Zoals ik al memoriseerde. ieder dorpje had zijn dorpstypen en aardigheden.

Een van die typen in dat dorpje was Krom Nelliske. vanwege zijn kromme beentjes. Hij was een klein manneke van ongeveer 1,60. In dat dorpje hadden ze ook een fanfare “Oefening baart kunst”. Nelliske was ook al van jongs af aan lid en zal ten tijde van het voorval 70 jaar geweest zijn. Hij blies trompet. Het was een nijdig mannetje en hij droeg een lorgnet je, want hij zag niet al te best meer. Nu gebeurde het op een van de repetitie-avonden het volgende. Vroeger krioelde het ervan de vliegen, dat weten de oudere mensen nog best. Men had toen nog niet de bestrijdingsmiddelen van nu.
Afijn om kort te zijn, op Nelliskes partituurtje zaten ook een paar vliegen. Hij zag de vliegen voor een paar muzieknoten aan. Hij speelde er neven dat het niet mooi meer was. Op een gegeven moment vlogen de vliegen weer weg. Nelliske werd kwaad, stond op en gaf zijn trompet aan da directeur met de mededeling dat hij ermee ophield. Waarom vroeg de directeur. Nou zei .Nilleske: Ik zie toch al niet te best meer en nou vliegen de noten ook nog weg, En hoe de directeur ook soebatte, Nilleske deed het niet meer. Hij wilde wel lid blijven en als de fanfare uittrok droeg hij de grote trom. Dit heeft ook niet lang geduurd. Dat kwam zo. Zoals ik al zei, Nilleske was een klein mannetje. Als hij de grote trom droeg, zag je van achteren bekeken niets anders dan zijn kromme beentjes. De tamboer die de grote trom moest slaan was toevallig een grote zware kerel. Deze was van beroep slachter.
Hij woog wel 200 pond. Op zekere dag moesten ze in het dorp bij iemand een serenade brengen. Vroeger had je in ieder dorp nog sloten langs de wegen, zoals vroeger ook hier in Acht. In die sloten stond altijd water. Afijn wat gebeurde er. Nu weet iedere muzikant dat als de fanfare gaat spelen er drie harde slagen op de trom gegeven worden.
Precies, toen de eerste slag op de trom werd gegeven, draaide Nilleske rechts af de straat in, waar ze in moesten., Het gevolg was dat Nilleske op zijn verkeerde been stond en met trom en al in de diepe sloot net water terecht kwam. Met veel moeite kregen ze Nilleske uit de sloot. Drijfnat. Tjonge tjonge, wat ging Nilleske tekeer. De duvel luste er geen brood van. Hij wilde de tamboer te lijf gàan. Met veel moeite werd dit voorkomen. Hij was zo giftig dat hij op staande voet bedankte. Met hem was niets meer te beginnen. Uit armoede heeft de directeur een tweede Simon van Cyrene opgeduikeld om de trom te dragen. Nilleske wilde percé schadevergoeding, want hij had ook zijn knijpbril verloren. Ik zie hem nog razend en tierend naar huis gaan. Het was een kostelijk gezicht.

Dit was dan een van die dorpstypen, die ik in mijn jeugd gekend heb. In een volgende aflevering volgt er nog een.
Nu tot slot het belgisch mopje:
Een belg loopt met een koffer bij zich op een luchthaven.
Er komt een douane met rubberkleding naar hem toe en zegt terwijl hij zijn revers van zijn jas opslaat,
waar het woord “douane” op staat, “Wilt U even meekomen”.
Dan slaat de belg zijn jas open, waarop een plaatje staat: ” C & A”, geheime politie.
Tot de volgende keer.

0

Reacties zijn gesloten.